-
1 vernauwen
-
2 verminderen
v. lessen, diminish, decrease, degrade, deplete, deflate, fall, abate, rebate, reduce, remit, extenuate, lower, run low, shorten, curtail, allay, drop off, knock down, narrow down, shrink, dwindle, scant, slacken, abridge, alloy, shave, go easy -
3 in het nauw drijven
v. corner, narrow down -
4 minderen
v. narrow down -
5 klein
klein1〈 het〉1 small♦voorbeelden:in het klein verkopen • retail, sell (by) retailde wereld in het klein • the world in a nutshell/in miniaturein het klein beginnen • begin/start in a small way/on a small scaleeen Marilyn Monroe in het klein • a mini Marilyn Monroe————————klein23 [gering in aantal/hoeveelheid] small5 [niet voornaam/groots] small6 [niet helemaal] little♦voorbeelden:1 een klein eindje • a short distance/little wayeen kop kleiner dan … • a head shorter than …te kleine schoenen • tight shoes, shoes that are too smallhij is klein gebouwd • he is short (in stature)klein van stuk • of small stature/buildzij is klein voor haar leeftijd • she is small for her ageklein maar dapper • small but tough/gameklein maar fijn • good things come in small packages〈 spreekwoord〉 wie 't kleine niet eert, is het grote niet weerd • he that will not stop for a pin will never be worth a pounddaar is hij nog te klein voor • he is still too young for thathebt u het niet kleiner? • have you got nothing smaller?7 met een klein stemmetje • in a timid/small voiceklein van geest • petty, narrow-mindedII 〈 bijwoord〉1 [op kleine wijze] small♦voorbeelden: -
6 verlopen
verlopen11 [verstreken; niet meer geldig] expired♦voorbeelden:————————verlopen22 [vervallen] expire3 [zijn beloop nemen] go (off)4 [minder bezocht/beoefend worden] drop/fall off ⇒ go down(hill)5 [van profiel veranderen] taper (off), narrow6 [van loop/richting veranderen] change (course/direction)♦voorbeelden:6 het tij verloopt • the tide is going out; 〈 ook figuurlijk〉 the tide is turning; 〈 figuurlijk〉 things are changing for the worse -
7 recht
recht1〈 het〉2 [rechtsregels; rechtsgeleerdheid] law3 [rechtspraak] justice4 [proces] court5 [bevoegdheid, voorrecht] right6 [meervoud] [bevoegdheden behorend bij een stand/positie] rights8 [meervoud] [bevoegdheid tot reproductie van een boek/film enz.] (copy)right(s)9 [belasting] duty♦voorbeelden:recht doen aan iets • do justice to something〈 figuurlijk〉 iemand/iets geen recht doen • be unfair to someone/somethinghet recht handhaven • uphold the lawhet recht met voeten treden • trample justice underfootin zijn recht zijn/staan • be within one's rightsje kan je met recht afvragen wat … • you may well wonder what …met recht razend zijn • have good reason to be furiousagrarisch/fiscaal/militair recht • agrarian/fiscal/military lawburgerlijk recht • civil lawhet geschreven recht • written/statute lawhet ongeschreven recht • unwritten/common lawpubliek en privaat recht • public and private lawRomeins recht • Roman lawhet recht in eigen handen nemen • take the law into one's own handsrechten studeren • read/study lawmeester in de rechten • Master of Lawskrachtens recht en gewoonte • by right and customkrachtens/volgens Engels recht • under English lawnaar Nederlands recht • according to Dutch lawrecht doen in een zaak • decide on a caserecht vorderen/zoeken • demand/seek justice4 in rechte iets afdwingen/eisen/vorderen • enforce/demand something in a court of lawhet recht van de sterkste • the law of the jungleaangeboren en verworven rechten • birthrights and acquired rightsdat is mijn goed recht • that is my righthet volste recht hebben om … • have every right to …zijn graad geeft hem het recht om … • his degree qualifies him to …het recht hebben om zijn kinderen te zien • have access to one's childrenniet het recht hebben iets te doen • have no right to do somethingiemand het recht ontzeggen om … • deny someone the right to …evenveel recht van spreken hebben als de rest • have an equal voice with the restgeen recht van spreken hebben • have no right to speakdoor dat te doen had hij geen recht van spreken meer • by doing that he put himself out of courtiedereen heeft het recht om … • everyone has the right to …op zijn recht(en) staan • insist on one's right(s)〈 figuurlijk〉 zijn kwaliteiten komen daar veel beter tot hun recht • he can make far better use of his talents there〈 figuurlijk〉 iemand/iets (niet) tot zijn recht laten komen • do (no) justice to someone/somethingvoor zijn recht(en) opkomen • defend one's right(s)de rechten van de vrouw • women's rightsburgerlijke/politieke rechten • civil/political rightsde oudste rechten hebben • have first claimgeen recht hebben op • have no right/claim tozijn rechten laten gelden • exercise one's rightsrecht hebben/geven op iets • have/give the right to somethingalle rechten voorbehouden • all rights reservedvrij van rechten • free of duties————————recht21 [niet gebogen/bochtig; niet scheef/schuin] straight2 [rechtop] straight (up), upright3 [normaal] 〈 bijvoeglijk naamwoord〉 right 〈 kant van stof〉; direct 〈 evenredigheid〉; 〈 bijwoord〉 directly 〈 evenredig〉♦voorbeelden:op het laatste rechte stuk • on the home straightje bord moet je wel recht houden • you must keep your plate straightde auto kwam recht op ons af • the car was coming straight at usiets recht leggen • put something straightrecht op iemand/iets afgaan • go straight for someone/somethingiets recht snijden • cut something (off) straightrecht omhoog/omlaag • straight up/downiemand recht in de ogen kijken • look someone straight in the eyerecht op zijn doel afgaan • go straight for one's goalrecht van lijf en leden • straight-limbedrecht voor zich uitkijken • look/stare straight aheadrecht op zijn benen staan • stand up straightrecht zitten/staan • sit/stand up straightrecht overeind • straight up, bolt uprightrecht evenredig zijn met • be directly proportional to〈 breien〉 eerst drie averecht, dan drie recht • first three purl, then three plainhet rechte van iets weten • know the ins and outs of somethingII 〈 bijwoord〉1 [formeel] [echt] really2 [precies] straight♦voorbeelden:2 hangt/zit mijn jurk recht? • is my dress straight?ze reden recht op elkaar in • they collided head-onhij woont recht tegenover mij • he lives straight across from merecht tegenover elkaar • face-to-face -
8 spoor
I 〈de〉1 [om een rijdier aan te drijven] spur♦voorbeelden:II 〈 het〉2 [geluidsspoor] track3 [blijk van vroegere aanwezigheid] trace4 [kleine hoeveelheid van een bestanddeel] trace6 [spoorrails] track7 [bedrijf van de spoorwegen] railway8 [trein] rail9 [spoorbreedte] gauge♦voorbeelden:op het goede spoor zijn • be on the right track/trailsporen uitwissen • cover up one's tracks〈 jacht〉 het spoor vinden • pick up the scent/traileen spoor volgen • follow a trailiemand op het spoor komen • track someone down, trace someoneiets op het spoor zijn • be on to somethingiemand op het spoor zijn • be on someone's trackdiepe/zware sporen achterlaten • leave deep marks/scars/woundsgeen spoor van … • no trace of …enkel/dubbel spoor • single/double track7 aan/bij het spoor zijn/werken • be with/work for the railways8 iets per spoor verzenden • send/ship something by rail/train9 smal/normaal/breed spoor • narrow/standard/broad gauge
См. также в других словарях:
narrow down — verb 1. define clearly (Freq. 1) I cannot narrow down the rules for this game • Syn: ↑pin down, ↑peg down, ↑nail down, ↑narrow, ↑specify • Derivationally related forms: ↑ … Useful english dictionary
narrow down — phrasal verb [transitive] Word forms narrow down : present tense I/you/we/they narrow down he/she/it narrows down present participle narrowing down past tense narrowed down past participle narrowed down to reduce the number of possibilities or… … English dictionary
narrow down — v. (D; tr.) to narrow down to (the choice was narrowed down to a few candidates) * * * [ nærəʊ daʊn] (D; tr.) to narrow down to (the choice was narrow downed down to a few candidates) … Combinatory dictionary
narrow down — PHRASAL VERB If you narrow down a range of things, you reduce the number of things included in it. [V P n (not pron)] What s happened is that the new results narrow down the possibilities... [V n P to n] I ve managed to narrow the list down to… … English dictionary
narrow down — verb Make more specific. All the food on the menu looked delicious, so I tried to narrow down my choices to only healthy foods … Wiktionary
narrow down — phr verb Narrow down is used with these nouns as the object: ↑list … Collocations dictionary
narrow down — {v. phr.} To limit within very strict margins. * /Of the numerous applicants, the list has been narrowed down to just a few./ … Dictionary of American idioms
narrow down — {v. phr.} To limit within very strict margins. * /Of the numerous applicants, the list has been narrowed down to just a few./ … Dictionary of American idioms
narrow\ down — v. phr. To limit within very strict margins. Of the numerous applicants, the list has been narrowed down to just a few … Словарь американских идиом
narrow down — v. reduce, limit … English contemporary dictionary
narrow — ► ADJECTIVE (narrower, narrowest) 1) of small width in comparison to length. 2) limited in extent, amount, or scope. 3) barely achieved: a narrow escape. ► VERB 1) become or make narrower. 2) … English terms dictionary